Nieuw Nederland: Mensen denken dat Hongarije ver weg is

De nieuwste groep migranten in Nederland komt uit Oost-Europa. Met de aanstaande toetreding van Roemenië en Bulgarije tot het Schengen-verdrag zal hun aantal alleen maar toenemen. Wat drijft ze? En wat verwachten ze van hun verblijf in Nederland? Vandaag: Eva Juhasz, Hongarije.

Eva Juhasz - Mensen denken dat Hongarije ver weg isAMSTERDAM – Hoeveel Hongaren in Nederland wonen en werken is moeilijk exact te zeggen, maar het staat wel vast dat ze sinds de Hongaarse toetreding tot de Europese Unie in 2004 steeds vaker naar Nederland trekken.

Eén van hen is de jonge studente Eva Juhasz. Opmerkelijk genoeg studeerde ze Nederlands in de Hongaarse hoofdstad Boedapest, maar ondanks die studie had Juhasz nooit concrete plannen om naar Nederland te emigreren.

Toch woont de jonge Hongaarse (22) sinds vorig jaar in Amsterdam, waar ze een appartement in het Oostelijk Havengebied deelt met een Nederlandse vriend. Juhasz: ‘Ik had in Hongarije al wat Nederlandse vrienden en daarom trok het me wel om Nederlands te gaan studeren. Vorig jaar was ik een semester hier vanwege een uitwisselingsproject. In eerste instantie had ik behoorlijk last van heimwee, maar toen ik eenmaal weer thuis was, had ik de smaak van Nederland te pakken en wilde ik terug.’

doorstuderen

Juhasz, die door haar studie al goed Nederlands spreekt, werkt nu tijdelijk in een grand café. Volgend studiejaar hoopt ze met een mediastudie aan de Universiteit van Amsterdam te beginnen. ‘In Hongarije was het bij het zoeken naar een baan een voordeel dat ik Nederlands sprak, daar had ik echt een bijzondere kwalificatie mee. In Nederland valt dat voordeel grotendeels weg, dus ik wil graag doorstuderen.’

In Amsterdam heeft Eva Juhasz zowel Nederlandse als Hongaarse vrienden. Tijdens haar studie leerde ze behalve de taal ook veel over de Nederlandse cultuur, dus grote aanpassingsproblemen waren er niet. ‘Natuurlijk kom je wel cultuurverschillen tegen. Zo had ik, toen ik hier nog maar kort woonde, afgesproken met een vriendin om samen te gaan eten. In Hongarije lunch je dan samen. We eten ‘s middags warm en ’s avonds wat lichter. Ik had dus warm eten gehaald voor de lunch, maar toen bleek die vriendin alleen ’s avonds tijd te hebben.’

smeltkroes

Van een negatieve houding van Nederlanders ten opzichte van Oost-Europeanen merkt Juhasz weinig, maar dat komt, denkt ze zelf, omdat Amsterdam toch al een smeltkroes van culturen is. Wel weten Nederlanders vaak maar heel weinig over Hongarije en Oost-Europa, merkt ze. ‘Mensen hebben geen idee waar Hongarije ligt en verwarren het ook met Bulgarije. Of ze denken dat het heel ver weg ligt: als ik vertel dat Hongarije aan Oostenrijk grenst, zijn ze verbaasd.’

Er wonen volgens Juhasz behoorlijk wat Hongaren in de hoofdstad. ‘Je hebt hier veel fietstaxi’s, ongeveer de helft van de chauffeurs daarvan is Hongaars. Verder werken er veel Hongaren in de horeca en zijn er Hongaarse zigeuners, die hier als straatmuzikant leven. Op de Wallen werken Hongaarse vrouwen in de prostitutie.’

Nederlandse lessen

Er is in Amsterdam redelijk wat onderling contact tussen de Hongaren, soms helpt Juhasz ook wel eens landgenoten met Nederlandse lessen. ‘Velen komen in eerste instantie hier met de gedachte snel geld te verdienen en dan weer terug te gaan. Maar er blijven er toch veel hangen, omdat het leven hier goed is in vergelijking met Hongarije.’

Dat er zo veel Hongaren naar het buitenland vertrekken, is niet zo gek, want in Hongarije gaat het economisch niet erg voorspoedig, vertelt Juhasz. ‘Veel van mijn landgenoten hebben het moeilijk want door de crisis vallen er ontslagen. Er zijn nog maar weinig banen te vinden en mensen die wel werken, verdienen weinig. Mijn moeder werkt bijvoorbeeld meer dan veertig uur per week bij een bank en verdient maar tweehonderd euro, terwijl het prijsniveau in Hongarije niet eens zo veel lager ligt dan in Nederland.’

Juhasz is van plan voorlopig in Nederland te blijven wonen. ‘Het onderwijs is hier van betere kwaliteit. Bovendien heb ik het nu financieel beter, ik kan hier dingen doen die ik in Hongarije niet kon.’